Expert • Les 21
Multiagent-systemen: AI-agents die samenwerken
Een enkele AI-agent is beperkt door zijn context window en capaciteiten. Multiagent-systemen verdelen complexe taken over gespecialiseerde agents die parallel of sequentieel samenwerken, met potentieel voor hogere kwaliteit en groter bereik.
Architectuurpatronen
De meest voorkomende patronen zijn: orchestrator-worker (een centrale agent delegeert subtaken aan gespecialiseerde agents), pipelining (agent A verwerkt output van agent B), parallelle fan-out (dezelfde taak wordt geparallelliseerd over meerdere agents) en peer-to-peer debat (agents beargumenteren posities om betere besluiten te nemen). Het juiste patroon hangt af van de taakstructuur.
Communicatie en toestand
Agents communiceren typisch via gedeeld geheugen (een gedeelde context of database) of via berichten (structured handoffs). Toestandbeheer is kritiek: wat weet elke agent, wat is al gedaan, welke fouten zijn opgetreden? Frameworks als LangGraph, AutoGen en CrewAI bieden abstracties voor agent-coördinatie, loop-detectie en foutafhandeling.
Emergent behavior en verificatie
Multiagent-systemen vertonen emergent gedrag: de samenwerking produceert resultaten die geen enkele agent alleen zou bereiken. Dit is tegelijk hun kracht en hun gevaar. Fouten propageren en versterken zich. Een agent die een onjuiste aanname doorzet, kan meerdere downstream agents op het verkeerde spoor zetten. Verificatiestappen en human-in-the-loop checkpoints zijn essentieel voor betrouwbare productiesystemen.
Kosten en latency
Elke agent-aanroep heeft kosten en latency. Een naief multiagent-systeem met 10 agents in serie is 10x duurder en trager dan een directe aanroep. Parallellisme compenseert latency maar vergroot totale kosten. Optimaliseer door: agents alleen in te zetten waar ze aantoonbaar waarde toevoegen, te cachen, en te monitoren hoeveel extra kwaliteit elke agent-laag oplevert.