Fernando Alonso heeft Lance Stroll dit seizoen genadeloos voorbijgestreefd in de kwalificatie. De Aston Martin-coureur verloor 42 opeenvolgende kwalificatieduels van zijn teamgenoot totdat hij in Spanje eindelijk een keer terugpakte, met een marge van nul komma nul vijf seconden. Dat het zover moest komen, zegt alles over de machtsverhouding binnen het team.

Een bijna twee jaar durende nederlaag

Stroll hield de media kortaf toen hem na Spanje werd gevraagd over zijn einde van de bizarre reeks. De Canadese coureur ontmantelde het onderwerp met een schouderophalen. Maar welke professionele autocoureur is tevreden met bijna twee jaar lang verliezen van zijn teamgenoot in de kwalificatie?

In de context van Aston Martins bijna hopeloze seizoen hebben beide coureurs echter grotere zorgen dan wie van hen sneller is over een ronde. Het team bracht in Hongarije een flinke update mee die hoop gaf op betere dagen. Alonso maakte daar het meest van in de kwalificatie, terwijl Stroll in de race weliswaar vooruit finishte maar Alonso zijn strategie met de zachte banden ronduit verschrikkelijk noemde.

Monaco als hoogtepunt van Alonso’s vechtlust

Het meest sprekende voorbeeld van Alonso’s vermogen om iets uit niets te halen, kwam in Monaco. Met een auto die nergens voor deugde, wist de Spanjaard een punt te pakken. Het is een nieuwe getuigenis van zijn onvermoeibare toewijding om alles uit zijn materiaal te persen, hoe uitzichtloos het er ook uitziet.

Wat nu?

De zomerstop geeft Aston Martin de kans om de Hongarije-update verder te ontwikkelen. Met Alonso die bijna elke kwalificatie wint van Stroll, is de vraag niet wie de snellere coureur is, maar of het team een auto kan bouwen die die kwaliteit waardig is. Het antwoord op die vraag bepaalt of Aston Martin in 2027 weer mee kan doen vooraan.