De Fed staat volgend woensdag voor een rentestap, vrijwel zeker een verhoging met 25 basispunten. De markten prijzen al zo’n 90% kans op die stap in, en gisteravond haalde Goldman Sachs als laatste grote bank zijn voorspelling van een pauze in. Voor Bitcoin, dat vlak boven de $76.700 staat met een kleine terugval van 0,6% in 24 uur, is dit het macro-klimaat dat de koers aanvalt: hogere rente betekent minder liquide dollar, en minder liquide dollar is een tegenwind voor risicovast crypto.
Een kalmeringsmiddel voor Wall Street, niet voor de consument
James Thorne, hoofdmarktstrateeg bij Wellington-Altus, noemt het de “muur van spiegels van Wall Street”. Zijn lezing: de Fed verhoogt niet omdat inflatie dreigt, maar om te voorkomen dat het afwijken van een al ingeprijsde verhoging een onbenodigde marktreactie triggert. De kerninflatie staat op 2,4%, een vijfjarig laagtepunt, en loongroei is afgekoeld naar 3,1%. In die lezing is de rentestap een signaal om de futuresmarkt te plezieren, niet om de economie te remmen.
De tegenstem: inflatie erger dan het getal laat zien
Diane Swonk, chief economist bij KPMG, leest dezelfde cijfers anders. De zwaarste stijgers zitten grotendeels in de diensten, zegt ze, en de zogeheten super-core services gingen met 0,5% omhoog, 3% jaar-op-jaar. Op basis daarvan zou de door de Fed gebruikte PCE-index in augustus met 0,4% hoger uitvallen. Voor de koers van Bitcoin maakt die nuance niet uit: zolang de Fed rente verhoogt, verdwijnt de verwachting van losse liquiditeit waar risk assets op lijken te leven.
Wat nu?
Twee jaar geleden, in september 2024, begon de Fed juist een cyclus van renteverlagingen en zakte de rente in één keer met 50 basispunten. Dat contrast zegt veel over de koers van het monetair beleid. Vrijdag volgt de volgende CPI-rapportage, en woensdag de harde realiteit van de rentebeslissing. De vraag die overblijft is of de verhoging een kalmeringsmiddel is voor Wall Street, of dat er daaronder écht een inflatie-heropleving ligt die nog onder het oppervlak schuilgaat.