Terwijl veel coureurs klagen over de nieuwe Formule 1-auto’s van 2026, houdt Charles Leclerc een opvallend nuchtere toon aan. De Ferrari-coureur erkent de gebreken, maar weigert de wagens bij voorbaat af te schrijven. Zijn uitleg van de situatie in de cockpit geeft een zeldzaam inkijkje in de complexiteit van het nieuwe reglement.

Te veel variabelen voor een simpele diagnose

“In het verleden kon je naar de data kijken en zeggen: hier verlies ik tijd, dit moet ik aanpassen”, legt Leclerc uit. “Maar als je je rijstijl aanpast en de programmering de andere kant op gaat, eindig je slechter dan waar je begon. Er zijn zoveel verschillende variabelen.” De nieuwe generatie auto’s combineert een vernieuwde powerunit met een afwijkende aerodynamica, wat leidt tot onvoorspelbaar gedrag dat per baan en soms per bocht verschilt.

Niet zwart-wit

Leclerc kende sterke momenten — hij was vanaf het begin van het seizoen goed op dreef met de auto — en zwakke, zoals Monaco en Montreal. “Maar ik denk dat het niet zo zwart-wit is met deze wagens”, zegt hij. “Er zijn veel variabelen en begrijpen wat er gebeurt als je er een beetje naast zit, is veel moeilijker dan het lijkt.” Over de vraag of agressief rijden helpt, is hij stellig: “Ik ben het er niet mee eens dat super agressief rijden werkt met deze auto’s, althans niet met die van ons. Maar het zou kunnen dat het voor een andere auto wel zo is.”

Wat nu?

De Ferrari is in de loop van het seizoen steeds competitiever geworden, wat het gemakkelijker maakt om een positieve blik te behouden. Hamilton en Leclerc gaan als gelijkwaardig de zomerstop in. Na de onderbreking op 30 augustus in Zandvoort begint de tweede seizoenshelft. Ferrari, met 250 GP-overwinningen in de geschiedenis, moet beslissen of het Leclerc of Hamilton steunt in de titelstrijd.