Alex Albon heeft een somber beeld geschetst van de stand van zaken bij Williams. Het team, dat na een sterk einde van 2025 met hoge verwachtingen het nieuwe seizoen inging, zit muurvast op de negende plaats in het kampioenschap.

Een deceptie na hooggespannen verwachtingen

Williams gold als een van de teams die het meest konden profiteren van de nieuwe reglementen voor 2026. Teambaas James Vowles wees herhaaldelijk op de regelwijziging als de kans voor de Grove-formatie om de achterhoede te verlaten. Het tegendeel gebeurde. Albon en teamgenoot Carlos Sainz worstelen wekelijks om in de buurt van de top-tien te komen.

Beide coureurs hebben openlijk hun frustratie geuit over de FW48. Bij de Grand Prix van Hongarije sprak Albon over de structurele problemen van het team: “We kennen de zwaktes van de auto en de richting die we op moeten. De inzet op de fabriek is het grootst dat ik ooit heb gezien om deze genetische DNA-problemen aan te pakken.”

Geen snelle oplissing in zicht

Een grote upgrade staat gepland voor de Grand Prix van Bakoe, maar Albon verwacht daar geen ommekeer. “Als het tegen Bakoe is opgelost? Ik betwijfel het,” aldus de Thais-Britse coureur. “Veel van wat naar Bakoe komt is al lang geleden vastgelegd.”

Het rijden zelf frustreert Albon evenzeer. “Achter het stuur is het frustrerend want ik kan niet eens normaal rijden. Het team haalt niet het beste uit mij doordat ik de hele tijd moet ondersturen.”

Vowles houdt de moed erin

Teambaas James Vowles liet zich voor de zomerstop toch deftiger horen. “De resultaten op de baan weerspiegelen niet het werk achter de schermen,” schreef hij. “We hebben het hele jaar ongelooflijk hard gewerkt om terug te keren naar een positie waarin we punten kunnen scoren.”

Of dat genoeg is om Williams uit het dal te halen, is de vraag. Met Aston Martin en Cadillac als enige teams onder hen in de stand is de marge naar de punten aanzienlijk. De zomerstop geeft het team de kans om op adem te komen, maar de tweede helft van het seizoen belooft weinig verlichting.