Williams-teambaas James Vowles heeft Fernando Alonso een deel van de schuld gegeven van de botsing tussen Carlos Sainz en Oscar Piastri tijdens de Hongaarse Grand Prix. Volgens Vowles weigerde de Aston Martin-coureur de leider te laten passeren, wat leidde tot een reeks gebeurtenissen die Piastri de leidersplaats kostten.

Blauwe vlag-systeem faalde

Vowles legde uit dat de automatische blauwe vlag-verlichting van de FIA niet werkte tijdens de race. Hierdoor wisten coureurs niet wie ze voorbij moesten laten en wanneer. De FIA schakelde over naar handmatige blauwe vlaggen, maar marshals kunnen moeilijk inschatten wanneer en voor wie ze moeten zwaaien.

Het systeem werkt normaal in twee fases. Bij 1,6 seconden achterstand krijgt een coureur een waarschuwing dat de leider nadert. Bij 1,2 seconden is de blauwe vlag verplicht en moet de coureur binnen een aantal marshalposten plaats maken. Die aansturing viel volledig weg.

Alonso negeerde blauwe vlag

Toen Piastri de twee ronderijders naderde, reed Alonso achter Sainz en was dus als eerste aan de beurt om Piastri door te laten. Volgens Vowles kreeg Alonso meerdere ronden lang blauwe lichten, maar hij bleef voor de McLaren staan.

Alonso besloot vervolgens Sainz in te halen bij de eerste bocht, waardoor Sainz de achterste auto werd. Piastri probeerde daarop de Williams-coureur bij de uitgang van bocht twee te passeren, maar Sainz kwam terug aan de binnenkant. Precies op dat moment reed Piastri aan de binnenkant en ontstond de botsing.

Williams had beter moeten reageren

Vowles gaf toe dat zijn team het beter had moeten aanpakken, ondanks het falende FIA-systeem. Hij pleit voor een robuustere methode voor wanneer de automatische aansturing uitvalt, omdat dat vaker zal gebeuren. Williams vertaalt de blauwe vlag-data normaal naar een audiowaarschuwing voor de coureur, maar zonder correcte GPS-data ontbrekte elke aanwijzing.

Piastri verloor door het incident de leiding van de race en viel uiteindelijk terug. Teamgenoot Lando Norris won de Hongaarse Grand Prix.