Vijfendertig nieuwsuitgevers hebben OpenAI beschuldigd van het systematisch scrapen van hun artikelen zonder toestemming of vergoeding. De uitgevers, waaronder diverse Amerikaanse regionale en nationale titels, stellen dat OpenAI hun journalistieke content gebruikt om ChatGPT te trainen zonder enige licentieafspraken te hebben gemaakt.

De beschuldiging voegt een nieuwe juridische dimensie toe aan de reeks procedures rondom AI-trainingdata. Eerdere rechtszaken van onder andere The New York Times richtten zich op individuele publicaties, maar deze groepsactie bundelt de claims van dertigplus uitgevers. Dat verhoogt de druk op OpenAI om een structurele vergoedingsregeling te treffen voor het gebruik van journalistiek werk.

De kwestie raakt aan een fundamentele spanning in de AI-industrie: modellen hebben grote hoeveelheden tekst nodig om goed te functioneren, maar de makers van die tekst zien hun werk zonder compensatie verwerkt in commerciƫle producten. Hoe de rechtszaken uitpakken, kan bepalen of uitgevers een blijvend aandeel krijgen in de AI-inkomsten.